Invloed van hartfalen

Invloed van hartfalen op de relatie

De relatie met mijn man is altijd heel goed geweest.

Invloed van hartfalen op de relatie

De relatie met mijn man is altijd heel goed geweest. Ondanks dat bij mij hypertrofische obstructieve cardiomyopathie geconstateerd was. Hiervan heb ik de eerste jaren van ons huwelijk eigenlijk geen klachten gehad.

Na een aantal jaren kreeg ik hartfalen en kwam in het stadium dat een harttransplantatie onvermijdelijk was om in leven te blijven. We besloten er samen voor te gaan. Er werden diverse onderzoeken gedaan voordat ik uiteindelijk bij Eurotransplant werd aangemeld. Op het moment dat ik werd aangemeld ging het leven gewoon door met alle ups en downs die erbij hoorden. Althans dat dachten en wilden we ook.

Al heel snel bleek dat het niet ging. Ik wilde van alles regelen voor als het donorhart niet op tijd zou komen en ik zou overlijden. Het feit dat ik begraven wilde worden stond vast maar ook de muziek werd uitgezocht. Verder schreef ik een lange brief met mijn laatste wensen en een afscheidsbrief voor mijn man. Hij had het hier erg moeilijk mee en wilde er niets over horen. De spanningen tussen ons liepen heel hoog op. Hij begreep mij niet (vond ik) en ik wilde hem niet begrijpen. Ik wilde verder knokken voor onze zoon want die kon niet zonder mij. Mijn man zou toch wel een andere vrouw vinden die nog beter voor hem was ook. We leefden als goede vrienden (broer en zus relatie).

Heel diep in mijn hart wist ik wel dat ik niet zonder hem kon want ik had hem heel hard nodig; zijn liefde en kracht. Ook om de dingen te doen die ik niet kon en voor de gezelligheid in huis (als we geen meningsverschillen hadden).

In mijn ogen deed hij veel te weinig voor mij en kwam hij altijd te laat thuis. Voor de buitenwereld waren we een perfect koppel. We gingen er zo goed mee om. Ze moesten eens weten. De meningsverschillen kwamen eigenlijk alleen van mijn kant! Hij slikte werkelijk alles.

Ik weet nog goed dat hij op een dag, in mijn ogen, te laat thuis was van zijn werk. Na een fikse ruzie heb ik hem met een deel van zijn spullen het huis uit gezet. Nooit gedacht dat hij echt weg zou gaan. Het heeft lang geduurd voordat hij weer thuis was. Ik voelde me ongelukkig want ik kon niet zonder hem. Uren later kwam hij weer thuis en ik begon weer met ruzie maken in plaats van te zeggen dat ik blij was hem weer te zien. Hij zei helemaal niets en vroeg alleen of ik klaar was toen ik wat rustiger werd.

Ik wilde dat hij bij mij wegging omdat ik niet wilde dat hij verdrietig zou zijn als ik dood ging. Dat hield ik mezelf voor.

Het ging steeds slechter met mij maar hij week geen moment van mijn zijde ondanks mijn agressieve reacties naar hem toe. Natuurlijk waren er ook goede momenten en dan deden we leuke dingen met ons gezin. We gingen dagjes weg. Voor mijn man draaide alles om mij. Hij ging door het vuur voor mij om te zorgen dat ik de dag van de transplantatie zou halen. Hij was heel sterk en standvastig.

De dag van transplantatie kwam “eindelijk”.

Na transplantatie waren de zorgen nog niet voorbij. Ik was nogal in de war en deed hele rare dingen. Dingen als eten verstoppen, vertellen dat er mensen op visite waren geweest die helemaal niet geweest waren en de telefoon oppakken en een heel gesprek voeren terwijl de stekker uit het kontact was gehaald. Na een aantal weken kwam ik weer goed bij mijn positieven. Op dat moment werd het hem teveel. Mijn man kwam in de ziektewet. 

We waren hele dagen samen en groeide weer naar elkaar toe. Ook besefte ik toen pas wat er allemaal gebeurd was en begreep niet hoe ik dat allemaal had kunnen doen. Volgens deskundige was het mijn manier van overleven. Ik ging me schuldig voelen en heb op mijn manier actie ondernomen om dat gevoel kwijt te raken. Mijn man vond het heel normaal dat hij mij zo gesteund had maar dat gevoel deelde ik niet.

Inmiddels heb ik mijn schuldgevoel achter me gelaten. We zijn nu echt weer gelukkig samen maar ook weer gelijkwaardig. We doen veel dingen samen als gezin maar hebben ieder ook onze eigen bezigheden. Ik sport iedere week en maandelijks bij H2O, de sportvereniging van Harten Twee, en mijn man gaat weer naar zijn vrienden.

Als ik nu terugkijk op de aanloopperiode naar de transplantatie weet ik één ding heel zeker. Ook voor partners is het een hele zware tijd. Niet alleen moeten zij het gezin draaiende houden en werken. Zij maken zich enorme zorgen om ons en hebben bovendien ook nog de angst om alleen achter te blijven.